Na ruim een halfjaar had Marjelle eindelijk weer eens een tweede date met dezelfde man. Het was zeker geen liefde op het eerste gezicht, maar David was me niet tegengevallen. We hadden die eerste avond in de kroeg prettige gesprekken, David wist wat hij wilde, had zijn leven op orde en schroomde niet om zijn mening te geven. Marjelle was op zijn minst nieuwsgierig geworden naar deze man. Bovendien had ze zo langzamerhand wel geleerd dat dates niet al te makkelijk afgeschreven mochten worden. Daten is immers een onnatuurlijke situatie, een snelkookpan, waarin niet iedereen zich op zijn gemak voelt.
We besloten de tweede date te gaan fietsen. Andere omgeving, ander tijdstip, samen iets dóen. Ruim twee weken na de eerste avond in de kroeg troffen we elkaar weer op een mooie zaterdag op een winderig treinstation. Hij kwam me tegemoet lopen, fiets aan de hand. Ik hoopte dat ik iets zou voelen, maar dat was niet zo. Wat me wel opviel was dat zijn gulp half open stond. Ik probeerde me op zijn gezicht te concentreren, maar mijn ogen hadden steeds de neiging om af te dwalen naar beneden.
Vlakbij het station was een café waar we ons bij een kop koffie over de route bogen. Tussendoor vielen de nodige stiltes. Echt onprettig vond ik ze niet. Maar het viel me wél op dat gesprekken snel dood sloegen omdat hij nauwelijks in ging op wat ik vertelde. Op de fiets bleef de conversatie beter op gang, alleen al omdat je bezig bent met de omgeving, routebordjes en andere verkeersdeelnemers. En verder liet ik David de onderwerpen aansnijden, waardoor gesprekken langer duurden. Ik vond het allemaal niet onprettig. We leken wel een stel dat al jaren samen was. Dat dachten de mensen die we onderweg tegenkwamen vast ook. Misschien vond ik dat nog wel het prettigst. Dat andere mensen dachten dat ik onderdeel van een stel was. Dat ik een beetje de illusie kon hebben dat ik onderdeel van een stel was.
Weer alleen in de trein terug drong de onvermijdelijke waarheid zich aan me op. Marjelle voelde niets voor David. Ze vond hem hooguit redelijk aangenaam gezelschap. Bovendien sloeg de twijfel toe. De laatste maanden had het idee post gevat dat ik dates te makkelijk afschreef. Dat ik de mannen die ik ontmoette niet altijd een eerlijke kans gaf. Maar was dat wel zo? Wilde Marjelle misschien zó graag een relatie dat de wens de vader van de gedachte werd?
We besloten de tweede date te gaan fietsen. Andere omgeving, ander tijdstip, samen iets dóen. Ruim twee weken na de eerste avond in de kroeg troffen we elkaar weer op een mooie zaterdag op een winderig treinstation. Hij kwam me tegemoet lopen, fiets aan de hand. Ik hoopte dat ik iets zou voelen, maar dat was niet zo. Wat me wel opviel was dat zijn gulp half open stond. Ik probeerde me op zijn gezicht te concentreren, maar mijn ogen hadden steeds de neiging om af te dwalen naar beneden.
Vlakbij het station was een café waar we ons bij een kop koffie over de route bogen. Tussendoor vielen de nodige stiltes. Echt onprettig vond ik ze niet. Maar het viel me wél op dat gesprekken snel dood sloegen omdat hij nauwelijks in ging op wat ik vertelde. Op de fiets bleef de conversatie beter op gang, alleen al omdat je bezig bent met de omgeving, routebordjes en andere verkeersdeelnemers. En verder liet ik David de onderwerpen aansnijden, waardoor gesprekken langer duurden. Ik vond het allemaal niet onprettig. We leken wel een stel dat al jaren samen was. Dat dachten de mensen die we onderweg tegenkwamen vast ook. Misschien vond ik dat nog wel het prettigst. Dat andere mensen dachten dat ik onderdeel van een stel was. Dat ik een beetje de illusie kon hebben dat ik onderdeel van een stel was.
Weer alleen in de trein terug drong de onvermijdelijke waarheid zich aan me op. Marjelle voelde niets voor David. Ze vond hem hooguit redelijk aangenaam gezelschap. Bovendien sloeg de twijfel toe. De laatste maanden had het idee post gevat dat ik dates te makkelijk afschreef. Dat ik de mannen die ik ontmoette niet altijd een eerlijke kans gaf. Maar was dat wel zo? Wilde Marjelle misschien zó graag een relatie dat de wens de vader van de gedachte werd?