dinsdag 14 september 2010

Ave Maria


Nog half verzonken in P&W zoek ik de afstandbediening. Tijd om met Vestdijk het kussen te delen. Met de energie die bij een tiener past komt mijn dochter, pas weer single, de trap af stormen. Wat wezenloos en derhalve wat onbezonnen ga ik zonder noemenswaardige weerstand in op haar enthousiaste verzoek ‘ff’ mee te gaan. “Stappen”, in het (post-) adolescente jargon.
Mijn leeftijd heeft zich in mijn onbehagen geslopen, het voelt niet prettig te gaan stappen tegen een tijd waarbij ik eigenlijk met Vestdijk onder de wol wil. Haar verweer, dat je toch ook ‘op zoek’ bent, blijkt, samen met mijn 7e midlifecrises, voldoende overtuigingskracht te bezitten om me midden in de nacht nog te douchen en schone kleren aan te doen. Vader gaat op stap.

Een mengeling van afweer en nieuwsgierigheid maakt zich van mij meester als mijn dochter –tegen de twintig- resoluut de deur van een foute kroeg openslaat. Wil ik wel weten dat zij hier vaker komt, vraag ik me af. Ik overweeg rechtsomkeer te maken.
Wat bezielt me om hier, midden in de nacht, in een tsunami van geluid en zweterige lijven, tussen twintigers te gaan staan met de onmogelijkheid een zinnig woord te wisselen. Voorop gesteld dat deze vleesgeworden Heinekens überhaupt contact met pa willen.
Mijn dochter verdwijnt achter in de kroeg: wel vervoer en betalen maar er niet bij horen. Daar achterin is het een donker hol waar claustrofobische geesten vrij spel hebben en een Neanderthaler zich zeker op zijn gemak zou voelen. Ik besluit het vrijgekomen plekje aan de bar maar op te vullen, kan ik in ieder geval het geestverruimende spa blauw bemachtigen.

Naast mij zit een hele mooie vrouw. Heb ik weer. Slank, lang haar, ik schat rond de dertig, voor mij te jong denk ik en besluit tot flaterafwerend gedrag: negeren. Het gewoel en sociale gedrag van de lallende primaten trekt mij eveneens aan. Fascinatie maakt zich van mij, amateur socioloog, meester als ik probeer het gedrag te verklaren van een op Hazes hossende menigte met bier in ene hand en andere zwaaiend in de lucht. Alsof ze het met me eens zijn dat de lucht hier wel enige circulatie verdient.

De dame naast mij schijnt alleen te zijn. Talloze mannelijke blikken, aangestuurd door opspelende hormonen, negeert ze. Haar armen langs haar ranke lichaam, haar handen rustend op haar bovenbenen. Ze nipt aan een sterk drankje. Ik sta door het gedrang soms ongewild tegen haar. En jongeman kan de druk van zijn kokend zaad niet beheersen en wringt zich tussen haar en mij, direct gevolgd met een openingszin. Hij moet iets gezegd hebben in de sfeer van ‘mag ik even in je siliconen tieten knijpen’, want er volgt een vernietigende blik. De jongeman baant zich ijlings een exit, op zoek naar een bad ijswater. Ze reageert afwijzend op de vele toenaderingen van diverse hanen. Mijn analyse over het collectieve gedrag is snel gemaakt, ongetwijfeld overladen van vooroordelen, maar het boeit me niet lang. Wat bezielen die meiden toch om met die half bezopen ongeschoren jongens te kleffen? Quasi stoer stiekem een sigaret in de mondhoeken, schreeuwend in elkanders oren in een zoveelste poging boven Hazes uit te komen. De barman wil kennelijk weten hoeveel decibel trommelvliezen aan kunnen en schuift de volumeknop wat hoger. Het woord vermoord.

De vrouw naast me trekt me aan, ik weet niet waarom. Haar stilte, het vriendelijk om haar heen kijken heeft iets mystieks. In een dodelijk verlegen stilte staan we nu al een half uur naast elkaar en hebben alleen blikken gewisseld. Wat de Italiaanse natuurkundige Alessandro Volta gevoeld moet hebben, ongetwijfeld in één klap, komt bij mij langzaam maar zeker opzetten: spanning. Ik kan aan Eneco leveren. Ik voel haar energie. Maar zij houdt vol. Zal ik dan toch maar het ijs breken, gewoon omdat ik niks anders te doen heb? Het risico lopend dat ik naar een seniorenwoning word afgewezen besluit ik na 35 minuten haar aan te spreken.
De onverklaarde spanning ontlaadt zich volledig als ik een bijna opgeluchte reactie krijg. Als een zich ontwakende tulp van schoonheid reageert ze lachend en vriendelijk en haar lichaamstaal verandert als een blad van een boom in open en ontvankelijk.
We hebben een nietszeggend maar leuk en onderhoudend contact. Geanimeerd maar zonder dat het versieren aan de oppervlakte ligt. Ik ben ook niet op die toer, uit angst een flater te slaan.
In mijn ooghoeken zie ik jaloerse blikken van mannen die mij hun prooi niet gunnen. Verbazing bevangt mij als ze af en toe haar hand op de mijne legt. Ik probeer dit te interpreteren: gewoon nietszeggende gebarentaal of toenadering? Het kost me moeite mijn realisme te volgen. Het zal toch niet zo zijn dat deze Philyra met het lichaam van een model op mij valt? Als ze zich voorstelt als Maria geven we elkaar vormelijk en wat lacherig een hand. Als ze mijn hand blijft vast houden stijgt mijn adrenaline ver boven het landelijk gemiddelde. Een waaier van opwinding maakt zich ongewild van mij meester. Paps hoofd op hol.

Maria gaat even naar het toilet en verdwijnt in het donkere gat. Moment van bezinning. Wat sta ik hier toch te pubberen? Aan de andere kant, waarom niet? Mijn ogen zoeken mijn dochter, ik wil naar huis, straks wordt het licht en ik sta me hier als een tiener buiten de werkelijkheid te plaatsen. Mijn dochter komt lachend aanlopen en zegt tegen mij dat ik een geluksvogel ben. "Hoezo?", probeer ik onschuldig tegen beter weten. Haar lachen verraadt dat ze beter weet. Ze vertelt me dat ze bij het toilet naast de vrouw stond waarmee ze mij heeft zien praten. Die vrouw weet niet dat zij mijn dochter is en vertelt spontaan aan haar dat ze heel blij is want ze heeft aan de bar een vreselijk leuke vent ontmoet. Mijn dochter vraagt zich af hoe het komt dat ik zo makkelijk met vrouwen omga en waarom zelfs de mooiste op mij vallen. Deze woorden waren voldoende: de duivel heeft nu helemaal bezit van me genomen en ik jaag onmiddellijk mijn dochter naar buiten want Maria komt eraan. Ze geeft mij een papiertje, omhelst me met een paar klopjes op mijn rug en kust me iets te lang op mijn wang. Ze kijkt me lachend en afwachtend aan. Er volgt een kort kusje op mijn mond en ze zegt gedag.
In de auto praten we na. Mijn dochter is net zo verbaasd als ik. Ik kijk op het briefje dat ze me in mijn hand frommelde: haar mobile nummer. Ik besluit haar gelijk te bellen. Fout contact. Ik zie dat er een getal mist. Ik heb verdomme een fout nummer.

Ik kan ondanks het uur niet slapen. Weg droom. Fout nummertje. De waan van de verboden maar bereikbare vrucht. Geblust in kristalhelder realisme. En die Vestdijk kan ook ff de pot op.



geplaatst door Spencer - 608 keer gelezen

beoordeeld 3.59/5 (17 Stemmen)

| Meer

Reacties

*****

Door 2de_Hans op 14 september 2010 23:03

Reactie niet in orde?


Om te reageren op dit blog moet je lid van Match4me.nl zijn!
Schrijf je gratis in!



<< Startpagina